Een broeiend actieklimaat

Jolene Meijerink 31-03-2015, 00:00

Sinds begin maart heeft ook Nijmegen een filiaal van het landelijk actiewezen dat in Amsterdam is begonnen. Nou ja, begonnen? Al jaren is het onrustig binnen de universiteiten. Vox schept orde in de wirwar van initiatieven.

Foto: Guido van Nispen

Foto: Guido van Nispen

Actietijdlijn

mijnhardt 8703 copy

Wijnand Mijnhardt.             Foto: DUB/Maarten Hartman

‘Veelkoppige hydra is opgestaan’
Wijnand Mijnhardt is hoogleraar Vergelijkende Wetenschapsgeschiedenis in Utrecht en een van de vier wetenschappers die in 2013 de knuppel in het hoenderhok gooide met de lancering van Science in Transition (SiT). Het ‘Position Paper’, telt inmiddels 43 pagina’s. De financiering van onderwijs en onderzoek leidt volgens SiT tot ‘perverse prikkels’, want: het zet een bonus op weer een publicatie, een zoveelste diploma en nog een proefschrift. Die kritiek heeft het debat vleugels gegeven. ‘In de nieuwe wetenschapsvisie van het kabinet zie je de toon veranderen, wat niet wil zeggen dat er in de praktijk al veel is verbeterd.’

Als historicus kent Mijnhardt de voorwaarden voor een succesvolle revolutie: eerst een periode van pamfletten, daarna een massa die opstaat. SiT heeft in de twee jaar van haar bestaan een steentje bijgedragen aan het eerste, de studenten in Amsterdam doen het tweede. ‘Ik ben hier ontzettend blij mee. Dit is een prachtig klimaat.’ De recente brief waarmee SiT aansluiting zoekt bij de bezetters van het Maagdenhuis is meer dan een adhesiebetuiging. De opstellers waarschuwen voor een te smalle agenda, zoals de focus op de Amsterdamse letterenfaculteit. ‘Daarnaast ligt er te veel nadruk op medezeggenschap’, zegt Mijnhardt. ‘Niet dat we dat onbelangrijk vinden, maar het is niet
de kern van het probleem dat wij willen aankaarten.’ Vandaar de schriftelijke oproep aan de studenten om oog te houden voor de financiering van universiteiten, in plaats van bestuurders te bashen. Mijnhardt: ‘Het probleem ís politiek en ligt dus in Den Haag. Dáár moeten we ons op richten. Klaar.’ Heeft de revolutie kans van slagen? Mijnhardt: ‘In de universiteiten is een veelkoppige hydra opgestaan. Het zal heel moeilijk worden om die nog te bestrijden.’

Jip Mennen.

Jip Mennen.

‘Te veel onderlinge scepsis’
Jip Mennen was voorzitter van de Universitaire Studentenraad toen in Nijmegen de Staat van de Universiteit werd opgericht. In een volle collegezaal stond Mennen naast bestuurders en wetenschappers om het studentengeluid te ventileren. Haar punten, de doorgeschoten rendementsmaatregelen en de onvolmaakte medezeggenschap, zijn ook nu weer in actiezaaltjes te horen. Maar in Nijmegen kreeg Mennen de zaak toen nog niet in beweging. ‘Het universiteitsbestuur gaf ons het gevoel dat we gehoord werden’, blikt ze terug. ‘Maar we zijn er met open ogen ingetuind, er is weinig concreets met onze punten gebeurd.’

Een obstakel voor de studenten vormde het misnoegen over het pamflet dat in die maanden de actietoon zette, van Science in Transition. ‘Het is altijd beter om samen
op te trekken, maar wij vonden dat pamflet maar niks.’ De studentenraad en ondernemingsraad vonden hierover geen gezamenlijk standpunt. ‘En steeds kregen we te horen dat we de problemen moesten adresseren aan Den Haag.’ De veenbrand in Amsterdam slaat maar niet over naar Nijmegen. Mennen was stomverbaasd dat tijdens de oprichting van de Nieuwe Universiteit in Nijmegen ook de studentbestuurders een wat laffe toonzetting kozen, met de bewering dat het ‘hier wel goed gaat met de medezeggenschap’. Hoezo goed? Als de medezeggenschap braaf meewerkt, wordt ze door het college van bestuur wel getolereerd, kenschetst Mennen de verhoudingen. ‘Maar in andere gevallen wordt de medezeggenschap flink op haar plek gezet. Van alle universiteiten heeft de student in Nijmegen de minste bevoegdheden, daar moeten we nu een punt van maken.’ Jammer dat dit onvoldoende gebeurt, vindt ze. Bestuurders, reik je handen uit naar de actievoerders! ‘Ik hoor vooral veel onderlinge scepsis, maar de handen moeten ineen. Deze beweging in Nijmegen verdient een kans.’

Hans Radder.

Hans Radder.

‘Actiepunten niet laten verwaaien’
De onvrede is niet van vandaag of gisteren. Hans Radder, voorman van Platform H.NU, gaat terug naar twaalf jaar geleden, toen hij als hoogleraar aan de VU al debatten voerde over de economisering van de universiteiten. Het is sindsdien niet meer stil geworden, met debatten en optredens in de media. Radder vertelt wat er veranderde in 2013:
‘We beseften dat, wilden we echt iets veranderen, we politieker moesten worden. Daarom hebben we het Platform opgericht en de Tweede Kamer opgezocht.’ Met succes, althans: er kwam een gesprek met de vaste commissie OCW van de Kamer, maar de opkomst van Kamerleden was veelzeggend, treurt Radder: vijf! ‘In het parlement vinden ze wetenschap een moeilijk thema. Kamerleden kunnen er publiekelijk niet mee scoren.’

Het zal volgens Radder helpen als de partijen samenwerken. ‘Daarom ben ik zo blij met onze petitie (‘Naar een andere Universiteit’, red.) waar zich deze maand zestien partijen bij hebben aangesloten.’ Radder is verheugd dat ook de Abvakabo op de wagen is gesprongen, gezien een van de centrale actiepunten van H.NU: minder tijdelijke contracten op de universiteiten. Radder steunt de bezettingen door studenten. ‘Als argumenten kennelijk niet meer tellen, is actie vereist’. Radder ziet de grootste actiebereidheid bij studenten en de wat oudere wetenschappers: het middensegment heeft domweg te veel te verliezen, juist vanwege hun onzekere baangaranties. Mooi, zo’n lenteverbond van studenten en ‘jongere ouderen’, zegt Radder, die overigens waarschuwt voor lentes. ‘In 2011 dachten ze in Egypte ook dat de lente was aangebroken, maar voor je het weet is de geest weer terug in de fles.’ De punten moeten snel concreet worden, beveelt hij aan, nog vóór de zomer. Aan H.NU zal het niet liggen, getuige het eerste actiepunt: ‘Van 60 naar 80 procent vaste aanstellingen!’

Marijtje Jongsma.

Marijtje Jongsma.

‘Verbaasd dat het zolang heeft geduurd’
Marijtje Jongsma is voorzitter van de Vakbond van de Wetenschap en onderzoeker aan de Radboud Universiteit. Volgens Jongsma is het momentum om de misstanden bij de universiteiten aan te pakken niet begonnen op het moment dat het Bungehuis werd bezet, dat momentum was er al geruime tijd, volgens Marijtje Jongsma, voorzitter van de Vakbond voor Wetenschap (VAWO). En dan heeft het nóg lang geduurd voordat de studenten de barricaden op gingen. ‘De universiteiten hebben ernstige problemen. Zo was in 2000 de rijksbijdrage per student 19.600 euro en in 2014 nog maar 14.300 euro. Dat heeft invloed op de onderwijskwaliteit,’ legt Jongsma uit. ‘Universiteiten worden steeds bedrijfsmatiger bestuurd. Het is de vraag of het toenemende marktgerichte denken het onafhankelijke wetenschappelijke onderwijs en onderzoek ten goede komt.’

Hoe kijkt de VAWO aan tegen de acties in Amsterdam? ‘Ik vind het goed dat de studenten de barricaden op zijn gegaan. Ik houd de vorderingen in de gaten.’ Geven de actievoerders de VAWO nieuwe vleugels? ‘Op dit moment wordt vanuit zeer verschillende geledingen kritiek geuit op de huidige situatie. Het is nu van belang samen op te trekken om veranderingen teweeg te brengen.’ De dialoog aangaan, onderhandelen en vooral de krachten bundelen, zijn goede manieren om veranderingen voor elkaar te krijgen, zegt Jongsma. ‘Neem nou de tijdelijke aanstellingen. Daarover werden in het verleden geen concrete afspraken gemaakt in de collectieve arbeidsvoorwaarden. Nu hebben de vier vakbonden nauw samengewerkt om met de VSNU afspraken te maken over het terugdringen van het percentage tijdelijke aanstellingen.’ En dan kan het best snel gaan. ‘Tussen het aankaarten van het probleem en de concrete afspraken hierover, zat anderhalf tot twee jaar. Het is een kwestie van de schouders eronder zetten.’ / Paul van den Broek & Jolene Meijerink 

1 reactie

  1. notpicnic schreef op 1 april 2015 om 16:15

    Het is uitermate verleidelijk om Science in Transition als baken in de mistbalk van de tijd te kiezen maar laten we vooral de internationale setting niet vergeten die niet aleen historisch veel diepere wortels heeft.

    https://disqus.com/home/discussion/ukonline/8216opheffen_finoegristiek_is_onzinnig_en_oneerlijk8217/#comment-730217261

    Belangrijker dan deze historische relativering lijkt me het Omertiaanse strontje in Science in Transition’s oog. De problematieken tav belangenverstrengelingen tussen Bedrijfsleven en onze publieke universiteiten werden door scitransit (en in haar kielzog ‘natuurlijk’ ook weer in OCW’s “Wetenschapsvisie 2025” http://www.pearltrees.com/t/freedom-choice/wetenschapsagenda/id10179112 ) schromelijk gebagatelliseerd terwijl De Nieuwe Universiteit deze wel degelijk in haar systeem-analyses lijkt te willen gaan betrekken.

    Terwijl Miedema al oproept: “van analyse, naar debat en actie nu de transitie!”

    https://twitter.com/MiedemaF/status/582927849646104576

    mompel ik: “we havn’t heard anything yet”.

    http://www.dub.uu.nl/artikel/nieuws/uu-stelt-promotie-lustpil-uit-na-vermoedens-belangenverstrengeling.html#comment-1582692271

    Nog van de Rector Magnificus, nog van Miedema.

Geef een reactie