Luis Miguel Berscia spreekt 17 talen

Mathijs Noij 11-09-2015, 00:00

Promovendus Luis Miguel Berscia (24) is een Peruaans taalwonder in Nijmegen. Hij spreekt zeventien talen. Het heeft hem in zijn geboorteland tot publiek figuur gemaakt. In Nijmegen woont hij gewoon in een studentenflat. Als hij tenminste niet in de Amazone zit voor veldwerk.

Foto: Duncan de Fey

Foto: Duncan de Fey

Taalbarrières zijn voor Luis Miguel Berscia een zeldzaamheid. Dat is handig, aangezien hij veel op reis is. Maar ook in de wandelgangen van het Max Planck Instituut kan hij moeiteloos met zijn internationale collega’s roddelen. En dan bedoelen we niet alleen in het universele Engels, maar in hun eigen taal. Spaans, Duits, Italiaans, of gewoon Nederlands.

Taalwetenschapper en promovendus Berscia is een polyglot: iemand die uitzonderlijk veel talen spreekt. Sterker nog, hij is een hyper-polyglot: wat betekent dat hij meer dan tien talen kent. “Ik ben de tel kwijtgeraakt. Ik geloof dat ik er zeventien spreek.” Van ongeveer net zoveel talen kent hij ook nog eens de basiskennis.

Polyglotten zitten anders in elkaar, stelt Berscia. “Ik weet het ook niet precies, maar onze hersenen werken anders. Mijn geheugen is heel goed. Als ik een taal eenmaal heb geleerd, dan vergeet ik die niet. In tegenstelling tot de meeste mensen hoef ik daarom mijn talen bijna niet te oefenen. Het zit gewoon in mijn hoofd, en het gaat er niet meer uit.”

Chinees, Roemeens, Nederlands – het zit opgeslagen in zijn hoofd. Net als drie indianentalen, die in Zuid-Amerika steeds minder worden gesproken. “Meestal heb ik een taal binnen een paar maanden wel onder de knie, afhankelijk van of ik al talen ken die er op lijken.” Op zijn kantoor liggen nu boeken over Russisch, Servisch en Grieks, de drie talen die hij nu leert. “Ik stop daar pas mee als ik ze vloeiend spreek.”

Die natuurlijke aanleg maakt het natuurlijk gemakkelijker om een taal te leren. Maar ook voor mensen zonder talenknobbel is het nooit te laat om een nieuwe taal leren, benadrukt Berscia. “De drie belangrijkste dingen zijn liefde, passie en discipline. Als je de taal echt mooi vindt, je het leuk vindt om te leren en je het kunt opbrengen om er echt voor te gaan, dan zul je de taal beheersen.”

Foto: Duncan de Fey

Foto: Duncan de Fey

Beroemd in Peru
Zijn uitzonderlijke talenkennis heeft Berscia in zijn geboorteland Peru tot een beroemd persoon gemaakt. “Je kunt tv-fragmenten met mij vinden op YouTube. Er is een documentaire gemaakt over mijn leven. Ik ben niet superberoemd, maar ik word wel herkend. Dan roepen mensen ‘hé, daar heb je die polyglot’. Dat is leuk, maar ze vergeten soms dat ik er hard voor heb moeten werken. Ze denken dat ik een of ander genie ben. Het heeft me bovendien veel privacy gekost. Er zijn plus- en minpunten aan bekend zijn.”

In tegenstelling tot in Lima, kan hij in Nijmegen rustig over straat. Hij woont gewoon in een studentencomplex, tussen zijn leeftijdsgenoten. Wel is zijn kamer veel vaker onbewoond. Dan is Berscia weer in het buitenland om veldwerk te doen of familie te bezoeken. Of om een nieuwe taal te leren, zoals onlangs in Servië. “Ik was daar ook voor een speciaal evenement waar polyglotten elkaar ontmoeten.”

Hij vertelt erover in zijn kantoor in het Max Planck Instituut. Aan de muur hangt een grote kaart van Zuid-Amerika. “Vroeger was ik al gek op kaarten. Met mijn vinger wijzend op verschillende landen vroeg ik aan mijn moeder welke taal ze daar spreken. Ik zei dan tegen haar dat ik ooit alle talen van de wereld zou spreken. ‘Natuurlijk, Luis’, zei ze dan.”

Zijn moeder had nooit kunnen bevroeden hoe ver Berscia op 24-jarige leeftijd met deze doelstelling zou zijn. Toch betekende zijn jeugd in Lima een vliegende start voor het leren spreken van verschillende talen. Nog voor hij op zesjarige leeftijd naar de basisschool in Lima ging, sprak hij drie talen. Spaans natuurlijk: de taal van zijn vader én van de dienstmeiden die in huize Berscia rondliepen. Maar ook Italiaans, de taal van zijn moeder. Alsof dat nog niet genoeg was, leerden zijn grootouders hem Piëmontees, een regionale taal die in Italië wordt gesproken.

Op de goede Peruaanse basisschool waar Berscia naartoe ging – “ik kom uit een bourgeoisfamilie” – kreeg hij in het Engels les. Toen zijn school besloot om Frans als extra vak aan te bieden, werd hij als negenjarig jongetje voor het eerst verliefd op een taal. “Dat was een belangrijk moment. Mijn ouders waren bezorgd dat ik nog een taal moest leren. Zou dat wel goed gaan? Maar ik vond Frans geweldig.”

Zijn vader spoorde Berscia daarna aan Chinese les te nemen – de taal van de toekomst. “Die taal wordt steeds belangrijker in het bedrijfsleven.” Als aanmoediging schreef Berscia’s vader niet alleen zijn dertienjarige zoon in voor de lessen, maar ook zichzelf. Berscia kijkt er glimlachend op terug. “Daar zaten we dan op zaterdag in een klasje. Uiteindelijk waren wij de enigen die de tentamens haalden. We bleven met twee over. Mijn vader scoorde overigens alleen maar voldoendes omdat hij bij mij afkeek. Daarna heeft hij voor mij een privéleraar ingehuurd.”

Jij hebt Chinees geleerd in Peru. Is het niet veel beter om een taal op locatie te leren?
“De beste manier om een taal te leren is jezelf onder te dompelen in die taal. Zo deed ik dat na mijn aankomst in Nederland ook. Dan ging ik naar de Albert Heijn, steeds voor een kleine boodschap, alleen maar om de gesprekjes van mensen in de rij op te vangen. Zo leerde ik meteen wat een bonnetje is. Chinees leren in Peru is overigens geen groot probleem, want er wonen ongeveer twee miljoen Chineessprekende mensen in Peru. Die gemeenschap heb ik toen opgezocht.”

Is het gemakkelijk om met Nederlanders te communiceren?
“Veel gemakkelijker dan met Duitsers in ieder geval, maar dat zit hem meer in omgangsvormen dan in de taal. Nederlanders zijn opener en vriendelijker. Toch heb ik wel eens dat ik denk ‘dat kan je ook anders zeggen’. Nederlanders zijn wel heel direct.”


BIO – Luis Miguel Rojas-Berscia
Geboren: 7 januari 1991

Afronding opleidingen:
2012 Taalkunde en literatuur, Pauselijke Katholieke Universiteit van Peru
2012 Duitse taalcursus, De Universiteit Duisburg-Essen
2014 Algemene taalkunde, master, Radboud Universiteit
2014 Masterprogramma Beyond the Frontiers, Radboud Honours Academy

Werk:
2011-2013 Leraar Chinees aan het Confucius Institute in Lima
2014 Start promotietraject in het onderzoeksconsortium Language in Interaction


 

Foto: Duncan de Fey

Foto: Duncan de Fey

Amazone
Berscia belandde in 2013 in Nijmegen voor een master Taalwetenschappen. Met hulp van de Radboud Honours Academy deed hij onderzoek in Vuurland, het zuidelijkste puntje van Zuid-Amerika. Na het afronden daarvan startte hij als promovendus aan het Max Planck Instituut en de letterenfaculteit. Hij doet onderzoek naar de taal van de indianenstam Shawi in Zuid-Amerika.

Berscia heeft van zijn fascinatie voor talen zijn werk gemaakt. Zijn talenknobbel is van grote waarde in zijn onderzoek. Om een taal werkelijk te ontleden, stelt hij, moet je hem om te  beginnen leren. Daarna kan je pas de vraag stellen hoe een taal is veranderd, hoe deze wordt beïnvloed door andere talen en welke waarde een taal heeft binnen een samenleving.

De eerste keer dat Berscia de Amazone introk om de Shawi op te zoeken was in 2012. Het was nog tijdens zijn studententijd in Lima. Zijn begeleider vertelde hem over het volk dat al veertig jaar niet meer was bestudeerd en volgens sommigen zelfs al uitgestorven was. Aanvankelijk had Berscia zijn twijfels. “Moest ik, stadjongen uit Lima, de wildernis intrekken, op zoek naar een volk dat volgens sommigen al niet meer bestond? Ik ben nou niet bepaald een Indiana Jones.” Hij ging toch, met het geld dat hij had verdiend als leraar Chinees. Het kostte drie dagen met een bus, plus twee dagen in een kano, om zijn bestemming in het noorden van Peru te bereiken.

Wat vinden de Shawi ervan dat jij je met hun leven bemoeit?
“Je moet het vertrouwen winnen en niet alleen nemen, maar ook geven. Ik word toegelaten tot hun leefgebied, en als tegenprestatie zal ik de grammatica van het Shawi opschrijven. Dat is belangrijk, want daarmee groeit de kans dat de taal wordt erkend als officiële taal en dat hij behouden blijft. De Shawi ontlenen hun identiteit voor een belangrijk deel aan hun taal. Dat zit sterk verankerd in hun ideologie. Een andere afspraak die ik maakte is dat ik de Bijbel zal herschrijven in de moderne spelling van het Shawi.”

Hoe komt het dat veel inheemse talen zijn verdwenen?
“Doordat mensen op een gegeven moment geen baat meer hebben bij het spreken ervan. In Zuid-Amerika worden indianen door veel mensen als tweederangsburgers beschouwd. Als je een goede baan wilt, als of niet gediscrimineerd wil worden, is het verstandiger om Spaans te spreken. Dat is verdrietig, want taal maakt ons menselijk. Wil je de mens begrijpen, dan moet je de taal begrijpen. Weet je, uiteindelijk zal er een moment komen dat alle Zuid-Amerikaanse talen die nu worden gesproken verdwenen zijn, behalve het Portugees en Spaans. Maar nieuwe talen zullen ontstaan. Neem Afrikaans: dat was ooit Nederlands. Daar houd ik me aan vast.”

Nog drie jaar heeft Berscia om zijn promotietraject in Nijmegen af te ronden. Nog drie jaar om onbekende talen iets minder onbekend te maken. En daarna? “Dat ik onderzoeker zal blijven, dat is wel zeker.” En dat hij nieuwe talen zal leren, ook. “Ik kan niet anders. Het leren van een taal is het enige dat mij echt ontspant.” / Mathijs Noij


 

Professor Pieter Muysken over Luis Miguel

Luis Miguel Berscia ontmoette zijn toekomstige promotiebegeleider Pieter Muysken voor het eerst in 2012. De hoogleraar Taalwetenschap was voor Berscia een heel belangrijke reden om naar Nijmegen te komen. Muysken begeleidt Berscia nu een jaar. Hij noemt zijn pupil een bijzonder persoon. “Op het Max Planck Instituut wil men in de toekomst graag onderzoek doen naar polyglotten zoals Luis Miguel. Hoe hun hersenen anders zijn is niet bekend. Als ik bij mezelf te rade ga: leer ik een nieuwe taal, dan merk ik dat ik bepaalde technieken heb ontwikkeld om dat systematisch te doen, zodat het sneller gaat dan bij andere mensen. Ik hoor echter zeker niet bij de polyglotten zoals Luis Miguel.” Muysken hoopt dat taalwonder Berscia ondanks zijn bekendheid in Peru met beide voeten op de grond blijft staan. “Luis Miguel heeft nog een lange weg te gaan voordat hij in de aula staat met zijn doctorsbul, en te veel overmoed kan dan een hindernis zijn.”


 

 

Geef een reactie