Peter repatrieert uit Gambia

Peter van der Heiden 19-01-2017, 12:39

In Gambia gaat ook bij de noodtoestand de zon gewoon onder. Foto: Peter van der Heiden

Peter01

Hij was voor zijn eigen ontwikkelingsprojectje in Gambia en raakte verzeild in een politieke opstand vanwege een eigenwijze dictator. Parlementair historicus en commentator Peter van der Heiden was in Gambia en verhaalt over zijn plotse terugkeer deze week.

Achteraf kun je je afvragen hoe slim het was om een ticket naar Gambia te boeken, want natuurlijk wist ik dat er presidentsverkiezingen zouden zijn, maar eerlijk gezegd verwachtte ik dat het net zo zou gaan als bij de vorige keren: een solide meerderheid voor de zittende dictator, die daarmee om de zoveel tijd een democratische rechtvaardiging voor zijn alweer 22 jaar oude staatsgreep bij elkaar fraudeerde. Maar het lijkt erop dat Yahya Jammeh, die naast zijn presidentiële gaven ook nog AIDS kan genezen met een kruidendrankje, een beetje onvoorzichtig is geworden. Ik hield mijn hart al vast toen ik juichverhalen uit Gambia onder ogen kreeg: de dictator was verslagen door de oppositie! En ik lazerde bijna van mijn stoel toen hij de uitslag een dag later nog accepteerde ook.

Wat ik vóór het boeken dan weer niet wist, is dat ik in Gambia zou zijn op de dag van de inauguratie. Dat leek een bonus, want ik had nog nooit zo’n feestje meegemaakt (en die van Trump zou ik in Gambia waarschijnlijk ook al missen). Totdat Jammeh na een week de verkiezingsuitslag aanvocht en aankondigde gewoon aan te blijven tot het Hooggerechtshof zich over de uitslag had gebogen. En daar werd het lastig, want de dictator had net een paar maanden eerder zo veel Hogerechters ontslagen dat er geen quorum was en er rechters uit naburige landen nodig waren – die zich daarvoor niet leenden, want zij respecteerden de uitslag wél. Enfin, een kruitvat dus. En de onvoorspelbare Jammeh zou zeker niet te beroerd zijn om daar een aangestoken lont in te steken.

Jammeh02

Yahya Jammeh in betere tijden. Beeld: Creative Commons

Noodtoestand
En dat gebeurde een kleine 24 uur nadat ik met mijn geliefde uit het vliegtuig was gestapt. Plan: eerst twee dagen aan het strand, dan naar een lodge in de binnenlanden om ons ontwikkelingsproject te bekijken en uit te breiden. Het plan was prima – de uitvoering minder. Op onze eerste avond in Gambia kondigde Jammeh de noodtoestand af en brak de pleuris uit. In Nederland dan, want in Gambia was er verdomd weinig van te merken. Internet lag eruit en het was vrijwel onmogelijk om te bellen – maar daar hield het wel zo’n beetje mee op. Behalve dan bij de aanwezige Nederlanders, die door het thuisfront werden bestookt met onrustbarende verhalen over het verwachte geweld en de mega-onveilige omgeving waarin wij ons bevonden. Het klonk alsof het bloed al door de straten gutste. Op de tv bij de poolbar waren schokkende beelden te zien van gebombardeerde huizen, maar een breedlachende Gambiaan (een pleonasme!) zei dat dat in Syrië was. ‘Daar is wél wat aan de hand’, grinnikte hij. In Gambia was het ‘business as usual’. Voor het Ministerie van Buitenlandse Zaken en daarmee de reisorganisaties echter niet: onmiddellijk kwam er een negatief reisadvies met aansluitend de melding dat we zo snel mogelijk gerepatrieerd zouden worden.

Waar mijn geliefde en ik vooral baalden van ons wel heel erg ingekorte verblijf, liep een deel van de aanwezige landgenoten al huilend van paniek door de hoteltuin. Geëvacueerd worden is al geen pretje, maar helemaal niet als dat met TUI-klanten geschiedt. Mijn hemel, wat een gedoe. Helemaal in de bus naar het vliegveld, de volgende ochtend. Er was onderweg weinig te merken van een noodtoestand, op wat roadblocks na, waarin tussen de zandzakken af en toe een mitrailleursnest verscholen bleek. Nu is het in dictaturen al nooit echt verstandig om foto’s te maken van militairen (en wordt het door de TUI-hostesses, die gezien het niveau van de clientèle hard nodig zijn, ook bij aankomst nog eens expliciet gezegd), maar sommigen konden de verleiding niet weerstaan hiervan een plaatje te schieten. Het enige moment dat ik me wat minder prettig voelde: een militair die schreeuwend en met getrokken wapen naar de bus gerend kwam toen hij dat zag. Verder is zo’n evacuatie vooral een soort schoolreisje vrees ik, inclusief de altijd meereizende grapjas die opriep ‘er wat humor in te gooien’ (nee, ik was het écht niet zelf!) en het oudere echtpaar dat koppig volhield dat het een comfortstoel had geboekt en maar met de grootst mogelijke moeite in de economy wilde plaatsnemen. Er was nog wel een kleine tegenvaller na de landing. Want, als er nu ooit bij een door TUI georganiseerde vlucht reden was om te applaudisseren, dan was het deze wel. Maar nee hoor. Niks, nada.

The old fool
Zo’n evacuatie stelt dus geen ene moer voor en van enige onrust in Gambia was niets te merken. De plaatselijke bevolking was ervan overtuigd dat de crisis binnen een dag opgelost zou zijn, met het vertrek van de dictator (‘the old fool’) en de inauguratie van de nieuwe president als onafwendbaar resultaat, al was het maar omdat deze naar de hoofdstad gebracht zou worden door Senegalese, Ghanese en vooral Nigeriaanse troepen – absoluut geen match voor de paar soldaten die Jammeh nog trouw waren. Maar de Gambianen zagen met lede ogen de toeristen, en daarmee hun enige kans op een beetje inkomen, vertrekken. De door de zittende president gezaaide onrust is een economische klap van jewelste voor dit straatarme land, waarvan de bevolking voor het merendeel afhankelijk is van toerisme. En ze vrezen dat, net als na de Ebolacrisis, het weer een tijd zal duren voor de toeristen terugkeren.

Democratie lijkt hiermee niet vanzelfsprekend in Afrika. Maar Jammeh is één van de fossielen op het prachtige continent. Het feit dat ECOWAS (zeg maar de Europese Unie van West-Afrika) troepen stuurt om de wens van de Gambiaanse bevolking uit te voeren, laat wel zien dat de dagen van de brute Afrikaanse dictaturen geteld zijn. Het is voor het eerst in de geschiedenis dat ECOWAS-troepen een land dat niet in oorlog is binnen vallen, en daarmee ook een testcase voor de kracht van deze unie, die democratie hoog in het vaandel heeft staan.

Het is voor de Gambiaanse bevolking te hopen dat de machtswisseling zonder bloedvergieten zal verlopen en dat de toeristen snel terugkeren. In ieder geval gaan mijn geliefde en ik zo snel het kan weer terug voor ons ontwikkelingsproject. Hopelijk dan iets langer dan één dag, want daarvoor is het wel een beetje gedoe, zo’n reis naar Gambia – al zit ik er wel over te denken om het ‘dagje-Gambia’-concept te gaan vermarkten.

 

Geef een reactie