Rector ziet niks in onderzoek naar politieke diversiteit

Mathijs Noij 02-03-2017, 08:15

Foto: Joeri Borst

JB-Han-van-Krieken-151691-bewerkt

Het universiteitsbestuur ziet niks in een onderzoek naar de politieke kleur van haar wetenschappers. Rector Han van Krieken: ‘Zolang ik rector ben, komt hiervoor geen support vanuit het college.’

‘Ik ben links’, zegt Han van Krieken. ‘Maar dat is omdat ik links schrijf.’ De toon voor het interview is gezet. De rector magnificus van de Radboud Universiteit lijkt het debat over het vermeende linkse karakter van de universiteit met een korreltje zout te nemen.

Dat debat is aangezwengeld door VVD-kamerlid Pieter Duisenberg, die de meerderheid van de Tweede Kamer achter zijn motie kreeg voor een onderzoek naar ‘politieke diversiteit’ op universiteiten. Oftewel: zijn universiteiten te links?

Joppe Hamelijnck van studentenpartij De Vrije Student vindt dat het Nijmeegse universiteitsbestuur mee moet werken aan een dergelijk onderzoek. Hij wil daarover maandag in gesprek met het universiteitsbestuur tijdens de Gezamenlijke Vergadering. Hamelijnck vermoedt dat de Radboud Universiteit een links bolwerk is, en dat gaat ten koste van de diversiteit van het onderwijsaanbod, vindt hij.

‘Ik hoor nooit klachten van linkse studenten in Leiden.’

Links
Van Krieken ziet niks in zo’n onderzoek. Het begint er al mee dat de scheiding tussen links en rechts achterhaald is, vindt de rector. ‘Is de PVV nu rechts of links? Voor beide valt iets te zeggen. En de SP? Dat is een conservatieve partij, maar wordt wel als links gezien.’

Dat de wetenschap die in Nijmegen bedreven wordt links zou zijn, wijst Van Krieken van de hand. ‘De methoden en resultaten van onderzoek zijn openbaar en worden bekritiseerd door collega-wetenschappers. Dat systeem werkt niet voor niets zo.’ Dat wil overigens niet zeggen dat onderzoek waardevrij is, zegt Van Krieken. ‘Waarden en opvattingen bepalen immers de vragen die gesteld worden.’

Politieke kleur kan in het onderwijs een rol spelen, erkent Van Krieken. ‘Docenten zijn immers een rolmodel, die bepalend zijn voor de gedachten en sfeer in de collegezaal.’ Zij zijn bovendien onderdeel van de intellectuele elite, die niet in de eerste plaats gedreven wordt door salaris, status en macht, maar door de wil om jonge mensen iets te leren. ‘Dat vertaalt zich in wat veel mensen links noemen. Daarin verschillen wij van bijvoorbeeld de bankenwereld.’

Omgeving
Van Krieken durft wel te zeggen dat er bij de sociale wetenschappen waarschijnlijk meer linksgeoriënteerde mensen rondlopen dan in de medische of juridische hoek. Zoals er in Leiden ook meer hoogleraren van rechtse signatuur rondlopen dan in Nijmegen. ‘In die zin kies je als student ook in welke omgeving je wilt studeren’, aldus Van Krieken. ‘Ik hoor nooit klachten van linkse studenten in Leiden.’

Om als bestuur consequenties te verbinden aan, of zelfs te interveniëren in de politieke voorkeur van het docentencorps, gaat Van Krieken veel te ver. ‘Gaan we dan ook onderzoeken of mensen met een bepaalde religieuze achtergrond voldoende gerepresenteerd worden? Als we hier minder SGP’ers hebben dan gemiddeld: wat dan?’

Mocht een onderzoek er uiteindelijk toch komen, dan vindt Van Krieken het aan de onderzoekers zelf of ze hieraan hun medewerking verlenen. ‘Maar zolang ik rector ben, komt hiervoor geen support vanuit het college.’

Geef een reactie