Coronamiljoenen minister moeten werkdruk helpen verlagen
In februari maakte de minister een miljardenpakket bekend dat coronagevolgen in het onderwijs moet opvangen. De Radboud Universiteit is inmiddels bezig concrete plannen te maken hoe ze de miljoenen die zij krijgt in gaat zetten tegen werkdruk.
Eindelijk krijgen wetenschappers wat ademruimte en wordt de werkdruk verlicht. Demissionair minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs) maakt dit jaar 156 miljoen euro vrij ter compensatie van de toegenomen studentenaantallen op universiteiten. Het Nijmeegse college van bestuur heeft de faculteiten gevraagd voorstellen in te dienen waaraan ze dit bedrag willen gaan uitgeven.
Het bedrag dat universiteiten jaarlijks krijgen van het ministerie van Onderwijs is gekoppeld aan het aantal studenten dat ingeschreven staat. Het probleem is echter dat hiervoor gekeken wordt naar de aantallen van het afgelopen collegejaar. Doordat studentenaantallen al jaren stijgen, blijft de bijbehorende financiering achter. Het gevolg: er is te weinig geld om voldoende docenten aan te stellen, wat de al bestaande werkdruk voor medewerkers alleen maar groter maakt.
Achter de feiten aanlopen
Het extra geld van de demissionair minister moet nu voorkomen dat universiteiten achter de feiten aan blijven lopen. ‘Het geld dat universiteiten eigenlijk pas vanaf vólgend jaar structureel zouden krijgen, voor de studenten die dit collegejaar begonnen zijn, krijgen we vanaf nú al’, legt concerncontroller Suzanne Boelens uit. Het hele financieringsschema schuift in feite een jaar naar voren op.
Dat betekent concreet dat universiteiten in 2021 gezamenlijk 156 miljoen euro extra ontvangen. De Radboud Universiteit krijgt hiervan ongeveer 11 miljoen euro. Ook in de komende jaren verwacht de universiteit ongeveer zo’n extra bedrag.
De middelen vallen onder het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) van de overheid, waarmee deze de coronagevolgen voor studenten en scholieren wil opvangen. Vanuit dit NPO komen ook miljarden vrij voor andere vormen van coronacompensatie (zie kader).
Komend collegejaar kunnen al extra mensen beginnen
Met het geld wil de Radboud Universiteit extra personeel aanstellen om de werkdruk te verlichten. Zo moet de taakverdeling onderwijs-onderzoek voor wetenschappelijk personeel weer meer met elkaar in evenwicht komen – idealiter 50/50. Door de grote studentenaantallen zijn stafleden nu vaak het merendeel van hun tijd kwijt aan onderwijs. Met het geld kunnen de faculteiten nieuwe medewerkers aantrekken die een deel van het onderwijs gaan verzorgen. Daarnaast wil het college dat medewerkers zoveel mogelijk uitzicht krijgen op een vaste aanstelling. Ook dat vooruitzicht helpt tegen de ervaren werkdruk, is de redenering.
Op verzoek van het college van bestuur zijn de faculteiten momenteel druk bezig concrete plannen uit te werken. Nog dit voorjaar worden deze beoordeeld door het college, zodat komend collegejaar al extra mensen kunnen beginnen.
Als muziek in de oren
De wensen van het college klonken de Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiestudies (FFTR) als muziek in de oren, zegt decaan Christoph Lüthy in een reactie. ‘Na jaren van protesten vanwege de hoge werkdruk en het rapport-Van Rijn, is dit een voor iedereen onverwacht geschenk.’
FFTR is de eerste faculteit die haar bestedingsplannen presenteerde. Waar FFTR-medewerkers nu nog 60 procent van hun tijd besteden aan onderwijs, wordt dit vanaf 1 september 50 procent, vertelt Lüthy. ‘Dat betekent dat ze in de praktijk een tot twee cursussen minder hoeven te geven per jaar.’
Wetenschappers binnen de faculteit mogen bovendien voortaan 5 procent van hun tijd besteden aan andere activiteiten dan onderwijs en onderzoek, zoals bestuurs- en commissietaken. Lüthy: ‘Dat doen we in het kader van de discussie rond het anders gaan ‘erkennen en waarderen’ van medewerkers.’ Voorheen deden wetenschappers dit soort dingen veelal zonder dat er formeel uren voor stonden, waardoor ze ten koste gingen van hun onderzoekstijd.
‘Wij zijn al uit de startblokken’
FFTR heeft een kleine miljoen euro te besteden, rekent de decaan voor. Concreet betekent het dat de formatie 10 tot 15 procent groter wordt, wat neerkomt op acht tot tien fte aan banen. ‘Alle afdelingen die mogen uitbreiden hebben al bekendgemaakt hoe ze die willen inzetten.’
Uitgaande van een akkoord vanuit het Berchmanianum, is de filosofiefaculteit al overgegaan tot werving van docenten. ‘Wij zijn al uit de startblokken, want de onderwijsverdeling voor het komende academische jaar vindt nu plaats. We hopen nog voor de zomer nieuwe medewerkers in dienst te nemen. Als we de werkdruk willen verlagen, moet nu actie worden genomen. Daarom is de geest hier al uit de fles.’
Noodzakelijke verlichting
Ook de medezeggenschap van FTR is positief, al heeft de onderdeelcommissie (OC) de details van de plannen nog niet gezien, zegt OC-lid Mathijs van de Sande in een reactie. ‘Maar middelen gebruiken voor een meer evenwichtige taakverdeling lijkt ons een prima idee. Verlichting van de onderwijslast is sowieso noodzakelijk en dat hebben we als OC regelmatig geagendeerd.’
Tegelijkertijd, voegt Van de Sande (die ook in de centrale Ondernemingsraad zit) toe, zal die maatregel alleen effect hebben als 50 procent onderwijs in de praktijk ook echt 50 procent is. ‘Dat is en blijft wat ons betreft een aandachtspunt voor zowel het bestuur als de medezeggenschap, op decentraal en centraal niveau.’
Miljarden om coronavertraging op te vangen
Onderwijsinstellingen – van de basisschool tot aan de universiteit – krijgen de komende jaren 8,5 miljard euro extra uit het zogeheten Nationaal Programma Onderwijs (NPO) van de overheid. Dit bedrag (dat los staat van de 156 miljoen voor de toegenomen studentenaantallen) is hard nodig, vinden demisisonair ministers Van Engelshoven en Slob, om de gevolgen van corona de komende jaren opvangen.
2,1 miljard euro hiervan gaat naar instellingen en studenten in het hoger onderwijs, verspreid over een periode van drie jaar, vertelt concerncontroller Suzanne Boelens. ‘Hoeveel er naar universiteiten, en dus de Radboud Universiteit gaat, weten we nu nog niet. Dat moet het ministerie nog bekend maken, net als de bijbehorende voorwaarden.’
Wel is duidelijk welke bestemmingen de NPO-middelen krijgen. Allereerst wordt een deel gebruikt voor de halvering van het collegegeld voor scholieren (vanaf september). Universiteiten krijgen dit volledig gecompenseerd. Een tweede deel is bedoeld om studievertraging bij studenten te voorkomen of in te halen die is ontstaan door de coronamaatregelen. Hierbij kan je denken aan een soepelere doorstroom van hogeschool of vwo naar universiteit. Ook studentenwelzijn valt hieronder.
Daarnaast komt er geld om langer onderwijsondersteuning te kunnen bieden. Boelens: ‘Denk bijvoorbeeld aan extra studentassistenten die bij online onderwijs vragen in de chat kunnen bijhouden.’ Het geld is in feite min of meer een verlenging van de bestaande regeling ‘coronabanen’, waarvoor de minister van Onderwijs eerder al miljoenen uittrok.
Ten slotte komt er compensatie voor onderzoekers die vertraging oplopen, bijvoorbeeld omdat experimenten niet uitgevoerd konden worden. Zo’n landelijke regeling bestaat al, maar gaat nu ten koste van het NWO-budget. De nieuwe compensatie is hierop een aanvulling. ‘De insteek is vergelijkbaar’, licht Boelens toe, ‘maar de discussie over de precieze voorwaarden loopt nog.’